Van Yesse naar Sint Jan. De middeleeuwse 4 mijl van Groningen

Achthonderd jaar geleden bezochten de cisterciënzer monnik Caesarius en zijn abt Henricus van Heisterbach het vrouwenklooster Yesse onder de rook van Groningen en de Groningse Martinikerk. Aan dat bezoek zou afgelopen mei een driedaags evenement in Groningen worden gewijd. Corona stak daar een stokje voor. Het evenement is uitgesteld tot 28 en 30 april en 1 mei 2021. Gedurende de maand van de Groninger geschiedenis kunnen belangstellenden een voorproefje krijgen van een onderdeel van dit evenement ‘Van Yesse naar Sint Jan’.

 

Een van de onderdelen van dit project betreft een processie vanuit het Harense Essen naar de Groninger binnenstad. Het is de route die de abt en Caesarius in 1220 moeten hebben gelopen vanuit het klooster Yesse naar de Martinikerk. In de maand van de Groninger geschiedenis kunt u virtueel al kennis maken met deze bijzondere wandeling en enkele markante punten onderweg. De routebeschrijving treft u via deze link aan. Op zaterdag 1 mei 2021 pakt de organisatie veel breder uit met optredens en uitstallingen onderweg. Een eerste kennismaking met het evenement behoort nu al tot de mogelijkheden.

Caesarius vergezelde zijn abt Henricus tijdens diens visitatiereizen vanuit Heisterbach, in de nabijheid van het huidige Bonn, langs kloosters in het noorden van wat nu Duitsland en Nederland zijn. In 1220 vernam Caesarius in Yesse over twee Mariawonderen die kort daarvoor in dat klooster hadden plaatsgegrepen: een kaars die bij een Mariabeeld brandde en na de mis gedoofd werd, begon telkens opnieuw te branden. Bij datzelfde beeld pakte het Jezuskind de kroon van het hoofd van zijn moeder en zette dat op zijn eigen hoofd. Tijdens hun verblijf te Yesse hoorde het Heisterbach-tweetal ook over de bijzondere reliek die in de Martinikerk werd bewaard. In de Martinikerk toonde stadspastoor Theodoricus een reliek van de Arm van Johannes de Doper aan Caesarius. De wonderen van Yesse en het Johannesreliek zijn door Caesarius beschreven in de Dialogus Miraculorum, het Boek der Mirakelen, dat is overgeleverd.

 

Het feit dat deze gebeurtenissen achthonderd jaar geleden plaatsvonden, was voor onze werkgroep *) aanleiding om er het evenement ‘Van Yesse naar Sint Jan’ aan te koppelen. Lezingen, een film, een speciaal voor dit doel gecomponeerde Caesariuscantate, tentoonstellingen, een boek en dus de processie.

 

Het boek over de Arm van Johannes, van de hand van Bart Flikkema, verscheen inmiddels en is te koop bij de boekhandel.

*) De werkgroep wordt gevormd door het Bezoekerscentrum Klooster Yesse, de Vereniging Vrienden Martinikerk en het Centrum voor Religie en Erfgoed van de Rijksuniversiteit Groningen dat samenwerkt met de University of Birmingham.

VAN YESSE NAAR SINT JAN. DE MIDDELEEUWSE 4 MIJL VAN GRONINGEN

 

In de middeleeuwen werden er al wandelend vele kilometers afgelegd. Kloosters onderling controleerden vaak of andere kloosters de kloosterregels goed toepasten. Dat controleren heette toen: visiteren. Een afvaardiging van klooster Aduard ging visiteren in klooster Klaarkamp. Klooster Heisterbach (D) zond twee monniken naar klooster Yesse in Essen bij Haren. Dat visiteren werd door het Generaal Kapittel van de orde opgedragen. In 1220 waren abt Henricus en de monnik Caesarius van Heisterbach op weg naar klooster Yesse, waar ze niet alleen wonderverhalen te horen kregen, maar ook de suggestie om eens de bijzondere Martinikerk in Groningen te bezoeken. Er zou daar een wonderdadig relikwie te zien zijn, de arm van de heilige Johannes de Doper! Spoorslags begon Caesarius aan de middeleeuwse 4 mijl van Groningen om na een stevige wandeling, zoals onze route ongeveer aangeeft, de Martinikerk te bereiken om daar inderdaad die arm te ontdekken, én een prachtig verhaal te horen over de lange reis van die wonder-arm. 

 

Œ1.   Klooster Yesse. Een 13e-eeuws cisterciënzer vrouwenklooster. In de middeleeuwen een bekend klooster met veel grond in Groningen en Drenthe. Het klooster had een refugium in de stad. De monnik uit Heisterbach die in de stad Groningen het verhaal van de Arm van Johannes de Doper in 1220 opschreef, logeerde de dagen daarvoor in dit klooster. In 1594 moest het klooster sluiten, alle bezittingen (de kloostergoederen) werden geconfisqueerd door de Staten Generaal, en in 1595 overgedragen aan de Staten van Stad en Lande (van Groningen).

 

Vanaf het kloosterterrein lopen we naar de Verlengde Hereweg en slaan daar rechtsaf.

 

2.   Hilghestede. Een ‘heilige plaats’ aan de Verlengde Hereweg 174. De bedevaartsplaats ontstond toen twee kelken en enige gewijde hosties werden gestolen uit het klooster van Aduard. De dieven begroeven hun buit op de plek waar nu de villa staat. De buit werd er teruggevonden. Volgens de overlevering hebben zich hier toen wonderen voltrokken, aanleiding voor de bedevaarttraditie.

 

Ž3.   Kluizenaar. In de middeleeuwen leefde op deze plek achter villa Gelria, Verlengde Hereweg 159, een kluizenaar. De ‘kluis’ aan de Hereweg te Groningen wordt in 1437 genoemd, toen een cisterciënzer monnik de paus verzocht de kluizenarij over te mogen nemen. Tegen betaling onderhield hij een deel van de Hereweg. In ruil kreeg hij de beschikking over een huisje, twee koeien, een paard en een stortkar, met 12 gulden toe.

 

4.   Middeleeuwse kapel van Helpman. Op het terrein van het Oude RK Ziekenhuis heeft in de late middeleeuwen het Sint-Jurgensgasthuis voor leprozen gestaan. In de reformatietijd (2e helft 15e eeuw) werd de kapel van dit gasthuis door de eerste gereformeerde predikers, o.a Menso Alting, gebruikt. Vanuit deze omgeving verspreidde de reformatie zich naar Groningen.

 

We verlaten Helpman over de ‘natte brug en lopen voor de Mesdagkliniek langs richting Sterrebos.

 

5.   Kempkensberg en Sterrebos. De hoogste heuvel in het Sterrebos is de Kempkensberg. In 1401 belegerde de Utrechtse bisschop Frederik van Blankenberg van hieruit de weerspannige stad Groningen. Ook later, 1594 werd vanaf deze heuvel de stad beschoten door Maurits en Lodewijk van Nassau. De stad gaf zich toen over en werd gedwongen het katholicisme te verbieden en de gereformeerde richting aan te hangen. In 1688 werd de heuvel voor een groot deel afgegraven.

 

Verder richting viaduct, daarna de Stationsweg oversteken en doorgaan richting Herestraat.

 

‘ 6.   Herestraat 113, de Entrepreneur. In het trappenhuis van dit pand bevindt zich een glas-in-lood venster met 6 vakken, waarin het verhaal van de Arm van Johannes de Doper is te zien. Het werk uit 1953 is van de hand van Ploeg-lid Jan van der Baan.

 

Richting Herestraat voortzetten, Zuiderdiep oversteken, Herestraat.

 

’7.   De Herepoort. Deze stadspoort lag aan het begin van de huidige winkelstraat. De contouren zijn aangegeven op straatniveau. De tot nu toe gelopen route is ook door de zusters vanuit Yesse gelopen, hun refugium ligt links.

 

100 m. doorlopen, rechts de Carolieweg inslaan, Gelkingestraat en Oosterstraat oversteken, verder als Kleine Peperstraat, dan links naar de Peperstraat.

 

“8.   Het Pepergasthuis. Een van beide gasthuizen in de stad waar vermoeide pelgrims en zieke bedevaartgangers terecht konden voor een bed en verzorging. Het gasthuis had in de oprichtingsoorkonden opgenomen dat ellendighe arme pelegrams mogten herberghen, twee nachten of drie (en neyt langer).

 

Peperstraat uit, rechtsaf Poelestraat, linksaf Schoolstraat, tot einde, linksaf St-Jansstraat naar Martinikerk.

 

”9.   De Martinikerk. In deze kerk werd vanaf de laatste jaren van de 12e eeuw tot ongeveer 1594 de Arm van Johannes de Doper vereerd als belangrijkste reliek in de kerk. Paus en bisschoppen verleenden aflaten, burgers van de stad en pelgrims offerden, kerk en stad werden machtig, beroemd en rijk.

                                                                                                                                

Bart Flikkema © Haren 2020

  • Facebook Social Icon
  • YouTube Social  Icon